De Oosterse Prinses: een groot succes

Afgelopen donderdag speelden en dansten zo’n 60 kinderen voor een uitverkochte zaal de voorstelling De Oosterse Prinses. Wat was het een feest! Bij de generale repetitie liep alles al zo soepel dat ik bang was dat de voorstelling zelf misschien minder zou lopen. Maar niets van dat alles. Als het podiumlicht aangaat en de zaal vol zit met papa’s, mama’s, oma’s, opa’s, broertjes, zusjes en vriendjes en vriendinnetjes, dan gebeurt er iets waardoor iedereen een boost krijgt.


Ik vertelde het verhaal van de prinses die met haar vader de hele wereld afreist op zoek naar een geschikte prins om mee te trouwen. Dat was de kapstok voor de muziek. Onder andere Russische, Poolse, Hongaarse, Italiaanse, Ierse, Amerikaanse stukjes volgden elkaar in rap tempo op. Bij het verhaal hadden leerlingen Beeldend Vormen van Kunstencentrum de Stroming in Wijchen tekeningen en beeldjes gemaakt. Die werden op het achterdoek geprojecteerd. Bij de muziek had balletdocent Yvonne van Laake van de Stoming ballets gemaakt voor beginnende tot gevorderde danseressen. En dan was er natuurlijk het strijkorkest dat dik een half jaar wekelijks had gerepeteerd en de strijkersklas met beginnende violistjes die in vier repetities op hun stukjes hadden ingestudeerd. Alles onder de bezielende leiding van Anke.

Deze voorstelling was de vijfde in een reeks sinds 2008: een serie waar Anke en ik trots op zijn. Vijf keer tientallen kinderen die een onvergetelijke avond beleefden. Samen zoiets opvoeren is een geweldige ervaring. De Oosterse Prinses was destijds de voorstelling waarmee we begonnen, naar een concept van Lenneke Willems. Enkele leerlingen die destijds meededen vroegen of ze voor deze uitvoering nog een keer terug mochten komen en mee mochten doen. Erg leuk om zo met hen de reeks voorstellingen af te sluiten.
Het was een geweldig feest, zowel op het toneel als in de zaal, getuigen de vele complimenten die we achteraf kregen.

Doodzonde dat de Stroming over twee weken niet meer bestaat. Zoals ik eerder al schreef, valt door bezuinigingen voor deze instelling het doek. Ook in Wijchen wint de korte-termijnvisie om te bezuinigen het van een lange-termijnvisie waarin het belang van cultuureducatie gezien wordt. Kinderen krijgen vanaf volgend jaar op de basisschool wat muziekles, maar dat haalt het natuurlijk bij lange na niet bij echte lessen waarin ze leren een instrument te spelen, waarin ze leren samenspelen, waarin ze mee kunnen doen aan dergelijke grote producties. Zeker, Anke blijft vioolles geven. En zo zullen er ook balletlessen bij privéstudio’s blijven. En waarschijnlijk blijven er ook wel teken- en schilderlessen. Maar de vanzelfsprekendheid waarmee dit alles onder één dak gebeurt verdwijnt. Dat je, lopend naar jouw pianoles, ook hoort en ziet dat er drum-, gitaar- en zangles wordt gegeven. Dat er kinderen zijn die dansen en kinderen die met hun handen bezig zijn. Dat je ouderjaars leerlingen hoort en je daaraan kunt optrekken. Dat je samenspeelt met leerlingen die net begonnen zijn en voor hén een voorbeeld bent. Dat je, zoals ik laatst iemand hoorde zeggen, alleen al door die gang in te lopen en al die bedrijvigheid te zien en horen het gevoel hebt thuis te komen.
Wat een armoe dat dat nu wegvalt.

Dit bericht is geplaatst in muziek, project en getagd. Bookmark de permalink.