Het perfecte verhaal

Ik leerde het perfecte verhaal maken toen mijn neefjes of nichtjes mij vroeger wel eens om een verhaaltje vroegen. Dat ging dan zo:

“Wat voor verhaal moet het worden?”
“Een spannend verhaal.”
“Waar moet het verhaal over gaan?”
“Over een konijntje.”
“Hoe heette het konijntje?”
“Humpie.”
“Waar ging Humpie op een dag naartoe?”
“Spelen in het donkere bos.”

Wie was hier de verteller? Mijn neefjes en nichtjes vonden dat ik ze een spannend verhaal vertelde, maar feitelijk stelde ik alleen maar vragen. Natuurlijk deden mijn vragen er wel toe. Ik vroeg naar de personages, naar hun doel, naar de gevaren en hoe die werden overwonnen. Kortom, ik zorgde ervoor dat alle ingrediënten voor een goed verhaal aanwezig waren. Maar doordat de inhoud bij mijn publiek vandaan kwam, sloot het perfect aan bij hun verwachtingen.

Een verhalenmaker luistert goed naar zijn publiek.

Dit bericht is geplaatst in improvisatie, passend, publiek, zakelijk. Bookmark de permalink.