Een verhaal in een jubileumboek (2)

Ik werk aan een verhaaltje voor een jubileumboek. Een lijst met herinneringen bracht me niet meteen veel verder. Misschien zullen sommige lezers gebeurtenissen die ik beschreef herkennen, maar het blijven losse flodders. Liever zoek ik één thema of onderwerp en beperk me daartoe. Dat moet ook wel gezien de mij bemeten ruimte: ik mag maximaal 400 woorden gebruiken – nog minder dan dit stukje. Tenslotte, mij werd gevraagd om “een totaal andere zetting (soort spiegelverhaal)”. Alleen maar wat herinneringen zijn meer een anecdotische kaleidoscoop, niet één spiegelverhaal.
Op zoek dus naar een metafoor voor oecumene. Een beeld dat de waarde van de oecumene representeert.

Hoewel die lijst met ideeën zich niet leent voor het stukje dat ik wil schrijven bracht het me wel op een idee. Ik schreef hoe ik ooit tijdens een kerkdienst een stuk van Pink Floyd speelde (voor de kenners: Shine On, deel 1). En dat na de dienst een meneer kwam vertellen dat hij dat heel fraai vond en of het niet van een Franse impressionist was. Een mooi voorbeeld van: je herkent alleen maar wat je kent. En dát zou wel eens het thema van mijn bijdrage aan het jubileumboek kunnen worden.
Veel organisten zijn waanzinnig goed thuis in de orgelliteratuur. Zelfs al hebben ze niet alle orgelwerken van Bach gespeeld, dan nog kennen ze ze wel allemaal. In alle uitvoeringen. Op alle verschillende orgels in het land. Ik schaam me wel eens als ik tussen zulke kenners sta. Ik speel orgel, zeker. Maar zelfs stukken die ik ooit heb gestudeerd heb ik niet paraat, laat staan dat ik meteen iets slims over die ene pedaalsolo kan roepen. Terwijl mijn gespreksgenoten elkaar gaandeweg steeds meer vinden en de BWV-nummers me om de oren vliegen, schrompel ik langzaam weg. Wat ben ik nou voor organist.
Maar zo’n ‘echte organist’ die Pink Floyd laat doorgaan voor Duruflé laat dan mooi de keerzijde van deze medaille zien. Je kunt van een specifiek onderwerp heel veel weten, maar het gevaar is dat je dan alles ook alleen nog maar vanuit dat onderwerp kunt bezien. Een variant van het bekende: als je een hamer hebt, lijkt elk probleem een spijker.
Het omgekeerde deed Mike Boddé onlangs op tv. Hij noemde de clavecimbelsolo uit het eerste deel van het vijfde Brandenburgse concert de eerste hardrock in de geschiedenis. Door deze vreemde, virtuoze, wat donkere solo zo te omschrijven, ga je er meteen anders naar luisteren. Misschien dat een ‘orthodoxe Bachliefhebber’ geschokt is door zo’n vergelijking, maar voor mij was dit een voorbeeld hoe je iets bekends kunt verrijken door er vanuit een andere hoek naar te kijken.

Ja, daar begint mijn muzikale metafoor voor oecumene op te doemen.

Dit bericht is geplaatst in metaforen, passend, schrijven. Bookmark de permalink.